Een collectief warmtenet in IJmond waar niet alleen corporatiewoningen op aansluiten, maar ook bedrijven en particuliere woningeigenaren. Dat is waar HVC – producent en leverancier van duurzame energie – op dit moment met een aantal projectpartners hard aan werkt. Projectontwikkelaar Erik Burgman en manager Marco van Soerland van HVC vertellen over de ontwikkelingsfase van dit project: ‘Over vijf jaar hopen we dat een substantieel aantal woningen zijn aangesloten op het warmtenet, de hoofdinfrastructuur is aangelegd en dat het alleen nog maar een kwestie is van wijk voor wijk aansluiten’.

Corporaties als belangrijke startmotor

In IJmond wordt een collectief warmtenet ontwikkeld dat kan groeien naar tenminste 30.000 woningen. De ontwikkeling van het warmtenet maakt deel uit van een bredere visie op het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Zo’n twaalf partijen werken samen aan dit project, waaronder de gemeenten Velsen, Beverwijk en Heemskerk, vier woningcorporaties (Woningbedrijf Velsen, Pré Wonen, Woon op Maat en Velison wonen) en producenten van warmte zoals Tata en Floricultura.

‘We beginnen met de woningen van de woningcorporaties. Zij hebben in IJmond zo’n 18.000 woningen in hun bezit en fungeren daardoor als een belangrijke startmotor in de ontwikkeling van het warmtenet. Door het aansluiten van hun woningen kunnen de corporaties grote stappen maken in het verduurzamen van hun vastgoed. De animo is bovendien groot. Zij willen graag vaart maken. Dit is voor HVC natuurlijk een mooie kans om te benutten, maar we ontwikkelen het warmtenet uiteraard ook voor particuliere woningeigenaren en bedrijven’, aldus Van Soerland.

‘Risico gestuurd investeren met flexibiliteit naar de toekomst’

Aan het uitrollen van een warmtenet voor 30.000 woningen zijn uiteraard kosten verbonden. Van Soerland geeft aan dat HVC de mogelijkheden maximaal benut, maar wel binnen verantwoorde grenzen. ‘HVC is in handen van 44 gemeenten en 6 waterschappen, die de warmtetransitie tot hun kerntaak hebben gemaakt en tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten willen ontwikkelen. We kijken naar wat hier in de toekomst gaat gebeuren, hoeveel woningen we willen aansluiten en welke infrastructuur daarvoor nodig is. Als we denken dat we op termijn 30.000 woningen kunnen aansluiten op het warmtenet, kunnen we dat ook meenemen in de businesscase’.

‘Daarbij kun je in je ontwerp slim rekening houden met groei’, vult Burgman aan. ‘Je kunt met twee bronnen beginnen en later bronnen toevoegen aan het systeem, zodat er meer capaciteit beschikbaar komt. Het risico rondom de aanleg van een warmtenet is dat partijen heel statisch denken, maar juist een flexibel ontwerp is belangrijk. Het gaat dus om risico gestuurd investeren met zoveel mogelijk flexibiliteit naar de toekomst’.

Gemeenten als regisseurs van de warmtetransitie

Bij de ontwikkeling van het warmtenet is de samenwerking met de lokale overheden belangrijk. De gemeenten hebben een faciliterende rol. Zij stellen kaders, toetsen vergunningen en kijken hoe de aanleg van het warmtenet kan aansluiten op de gemeentelijke plannen met betrekking tot de openbare ruimte. Daarnaast hebben zij met het opstellen van de Transitievisie Warmte en de Wijkuitvoeringsplannen ook een beleidsmatige functie in de ontwikkeling van het warmtenet.

De aanleg van het warmtenet heeft niet alleen veel impact op de ruimtelijke ordening, maar ook op de inwoners van de gemeenten en hun woningen. ‘Er komt veel op de bewoners af en het is aan de gemeenten om hen daarover te informeren en in mee te nemen. Gemeenten zijn dus de regisseurs van de warmtetransitie en dat gaat tot in de huiskamer. Zij hebben een belangrijke rol in het creëren van draagvlak’, vertelt Burgman.

Volgens Burgman ligt één van de grootste uitdagingen ook in het creëren van draagvlak onder particuliere woningeigenaren. ‘Hoe zorgen we ervoor dat het ook voor hen aantrekkelijk is om aan te sluiten op het warmtenet? Dit vraagstuk gaat natuurlijk niet alleen op voor IJmond, maar geldt voor heel Nederland’.

Alle partijen op één lijn is een belangrijke succesfactor

In IJmond werken drie gemeenten samen aan de ontwikkeling van het collectieve warmtenet. Daarom is er onlangs een sessie georganiseerd door het Warmte Koude programma, waarbij de wethouders van alle drie de gemeenten aanwezig waren.

‘Het vormen van een gemeenschappelijk beeld van alle partijen is een belangrijke succesfactor in dit project. Een sessie waarin drie wethouders hun beleidsmatige ambities uitspreken, draagt daar enorm aan bij’, legt Burgman uit. ‘De corporaties in IJmond hebben bij de start van het project ook een gezamenlijke brief opgesteld, waarin zij hun voorwaarden hebben geschetst op het gebied van betaalbaarheid, duurzaamheid en ontzorging. Een uniforme set uitgangspunten maakt de verdere ontwikkeling van het warmtenet in elk geval een stuk eenvoudiger. Echt eenvoudig is een project van deze omvang natuurlijk nooit. De komen jaren zullen we er met alle partijen hard aan moeten werken om dit tot een succes te brengen’.

Schets warmtenet IJmond

Categorieën: Nieuws