Op 27 september tekenen alle partijen die zijn aangesloten bij het Warmte & Koude Programma van de MRA een nieuwe samenwerkingsovereenkomst. Sinds de start van het programma is er ontzettend veel onderzocht, overlegd en geëxperimenteerd. Dat heeft tot het inzicht geleid dat een stap-voor-stap-benadering nu de juiste keuze is. Met lokale projecten op korte termijn resultaten boeken. 

Bij het Warmte & Koude Programma zijn maar liefst 39 partijen betrokken. Dat betekent dat elke dag talloze mensen hun kennis en energie geven om er een succes van te maken. Wij spraken een paar van die mensen: gedeputeerde Jack van der Hoek van de provincie Noord-Holland, directeur Daan Schut van Alliander en programmamanager Gerard Jägers van Tata Steel. Welke rol spelen zij in het programma en wat motiveert hen om zich voor duurzaamheid in te zetten? 

Toen hij als kind voor het stoplicht stond, maakte hij zich al zorgen over de uitlaatgassen die hij de lucht in zag gaan. Inmiddels is Jack van der Hoek gedeputeerde Duurzaamheid in Noord-Holland en voorzitter van het programma Warmte & Koude van de MRA. “Je kunt met dit onderwerp alleen aan de slag als je ook echt vanbinnen voelt dat het belangrijk is.”

Honderdduizenden woningen in de regio op een duurzame manier verwarmen: het is nogal een ambitie. “In het begin wilden we het dan ook groots aanpakken, bij wijze van spreken met één grote ‘ringleiding’. Maar we hebben geleerd dat het meer oplevert om te kijken wat je lokaal en op korte termijn voor elkaar kunt krijgen, om op termijn die ‘kralen’ te rijgen waar dat logisch is .”

Dankzij het programma hoeven gemeenten echter niet allemaal zelf het wiel uit te vinden. “Door dit masterplan kan het tien keer goedkoper dan wanneer iedereen het individueel zou doen. Je ontdekt ook samen wat de knelpunten zijn en gaat samen op zoek naar oplossingen.” Van der Hoek geeft toe: zijn bijdrage bestaat grotendeels uit praten en sturen. Dat kan ook niet anders als voorzitter van een samenwerkingsverband met tientallen partijen. “Vanuit het programma brengen we die partijen bij elkaar. Zij gaan vervolgens op kleinere schaal samen aan het werk. Want het doel is natuurlijk dat we niet alleen met elkaar praten, maar vooral concrete resultaten behalen.”

Die resultaten beginnen te komen: in Purmerend wordt 75% van de woningen al verwarmd door een warmtenet; in Amsterdam, Zaanstad en Haarlem worden ook flinke stappen gezet. Het stemt hem optimistisch. “De innovatie gaat zo snel. Elke week lees je wel in de krant dat iemand weer iets slims heeft bedacht. Dat geeft ons de kans om iets te doen voor onze aarde. Om nu in te grijpen, en niet te wachten tot het te laat is.”

Categorieën: Nieuws